Abonneer in een reader

Schrijf u in voor onze gratis nieuwsbrief!


OR wint bij de Ondernemingskamer
zaterdag, 07 januari 2012 14:22
De Ondernemingsraad van een stichting voor kinderopvang heeft een procedure bij de Ondernemingskamer in Amsterdam gewonnen. Een voorgenomen besluit tot het omzetten van de stichting naar een BV was de reden van de procedure bij de Ondernemingskamer. Die werd aanhangig gemaakt toen het voorstel tot wijziging al bij de rechtbank lag vòòrdat de OR zijn advies daarover gegeven had. In de uitspraak de Ondernemingskamer werd vooral kritiek gegeven op de onvoldoende motivatie door de bestuurder voor het te nemen besluit. 

De stichting wilde zich omzetten naar een BV met de huidige directieleden als aandeelhouders. De OR was het weliswaar eens met het argument dat op de snelgroeiende onderneming niet meer goed toezicht gehouden kon worden door de onbezoldigde Raad van Toezicht (RvT). De OR pleitte voor een stichtingsvorm met een professionele en bezoldigde RvT in plaats van een BV. Volgens de OR waren er ook bij de omzetting in een BV onvoldoende garanties voor het in stand houden van het eigen vermogen van de stichting.

De Ondernemingskamer vond dat de ondernemer onvoldoende heeft gemotiveerd waarom het voorstel van de OR niet wordt gevolgd. Ook is onvoldoende duidelijk welke garanties de ondernemer wil geven over de instandhouding van het vermogen en over de stabiliteit van het aandeelhoudersbestand. De ondernemer moet door het vonnis van de Ondernemingskamer zijn besluit tot omzetting intrekken. Het omzetten van een stichting naar een BV vraagt om toestemming van de rechtbank, omdat de winst van de stichting met een bepaald doel is behaald en die niet zo maar mag wegvloeien naar de aandeelhouders en bestuurders van de BV. Het is overigens nog maar de vraag of een adviesaanvraag wel nodig was; het omzetten naar een andere rechtsvorm wordt niet in de opsomming van adviesplichtige besluiten in artikel 25 van de WOR genoemd. Maar ook in het geval er onverplicht advies wordt gevraagd aan de OR is het mogelijk om gebruik te maken van de geschillenprocedures uit artikel 25 en 26 van de WOR.

Zelf de uitsprtaak van de Ondernemingskamer lezen? Klik hier